Indexering plafond berekeningsbasis patronale RSZ-bijdragen vanaf 1 januari 2026

Gepubliceerd op 03/02/2026
Sedert 1 juli 2025 is een plafond voor de berekening van patronale bijdragen op heel hoge lonen van toepassing. Hiermee wordt de werkgeverskost verlaagd voor werknemers met een hoog basisloon. De vrijstelling geldt voor de werkgeversbijdragen op het deel van het basisloon dat een bepaald grensbedrag per kwartaal overschrijdt. De RSZ laat in de tussentijdse instructies weten dat ingevolge een indexoverschrijding in december 2025 dit grensbedrag voor de vrijstelling van de werkgeversbijdragen is gewijzigd vanaf 1 januari 2026.
Het nieuwe geïndexeerde loonplafond met ingang van 1 januari 2026 bedraagt € 86.700 per kwartaal. Het vorige loonplafond was vastgelegd op € 85.000.
De vrijstelling is enkel van toepassing op de basisbijdragen en de loonmatigingsbijdragen die verschuldigd zijn op het gedeelte van het basisloon boven dit grensbedrag. Voor werknemers uit de privésector komt dit samen neer op 25%.
Op het loon onder het grensbedrag blijven de normale werkgeversbijdragen volledig verschuldigd. Ook de bijzondere bijdragen en de persoonlijke bijdragen van de werknemer blijven van toepassing op het volledige loon, dus ook op het deel boven het grensbedrag.
Bron: Tussentijdse instructies RSZ van 16 januari 2026 en koninklijk besluit van 6 oktober 2025 tot uitvoering van artikel 38, §1, tweede lid van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers en tot wijziging van artikel 3 van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I) betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen, BS 10 oktober 2025.



