Programmawet 2026: nieuwe spelregels voor RSZ-verminderingen, lonen en sociale bijdragen

Gepubliceerd op 03/06/2026
De programmawet is eindelijk goedgekeurd. Voor werkgevers betekent dit concreet dat een reeks maatregelen nu wettelijk vastligt. Vooral op het vlak van sociale zekerheid en loonbeleid staan er belangrijke veranderingen op til: van herzieningen van RSZ-doelgroepverminderingen tot aanpassingen in de sociale werkbonus en tijdelijke loonindexering voor hogere lonen. We hebben ze hieronder voor je opgesomd.
RSZ-doelgroepverminderingen grondig hervormd
De programmawet bevat verschillende maatregelen die rechtstreeks raken aan de RSZ-bijdragen van werkgevers. Daarbij kiest de regering voor een combinatie van gerichte stimulansen en het afbouwen van bestaande steunmaatregelen.
Opnieuw meer ondersteuning voor eerste aanwervingen
Vanaf 1 juli 2026 wordt de doelgroepvermindering voor eerste aanwervingen opnieuw uitgebreid. Werkgevers zullen opnieuw voor maximaal vijf werknemers een doelgroepvermindering kunnen genieten.
De regeling voor de eerste werknemer blijft behouden, maar wordt voortaan begrensd tot 2.000 euro per kwartaal. Daarmee wil de regering ondernemingen blijven ondersteunen bij het creëren van bijkomende werkgelegenheid, terwijl de kost van de maatregel beter onder controle blijft.
Voor ondernemingen die hun personeelsbestand willen uitbreiden, kan deze hervorming opnieuw extra kansen bieden.
Verschillende doelgroepverminderingen verdwijnen
Tegelijk wordt afscheid genomen van een aantal bestaande RSZ-doelgroepverminderingen.
Vanaf 1 juli 2026 worden de volgende doelgroepverminderingen afgeschaft:
- de vermindering voor collectieve arbeidsduurvermindering;
- de vermindering voor de vierdagenweek;
- de vermindering voor vijf vaste werknemers in de horecasector.
Voor werkgevers die vóór 1 juli 2026 al een systeem van collectieve arbeidsduurvermindering of een vierdagenweek hadden ingevoerd, geldt een overgangsregeling. Zij kunnen de lopende verminderingen verder toepassen tot het einde van de voorziene periode.
Strengere aanpak bij sociale inbreuken
De programmawet koppelt het recht op bijdrageverminderingen sterker aan de naleving van de sociale wetgeving. Werkgevers die bepaalde opzettelijke inbreuken op de RSZ-regelgeving plegen, riskeren hun recht op doelgroepverminderingen en andere bijdragevoordelen te verliezen.
Deze maatregel past binnen een bredere beleidslijn waarbij sociale voordelen steeds vaker worden gekoppeld aan correct werkgeverschap.
Tijdelijke beperking van de loonindexering
Naast de wijzigingen aan de RSZ-verminderingen voert de programmawet ook de zogenaamde centenindex in.
Deze maatregel beperkt tijdelijk de loonindexering voor werknemers met een bruto maandloon van meer dan 4.000 euro. Voor deze groep wordt de indexering per toepassingsperiode beperkt tot maximaal 2%. Werknemers met een lager loon behouden hun volledige indexering.
De maatregel wordt toegepast in twee fases:
- vanaf 1 juni 2026;
- vanaf 1 januari 2028.
Aan deze beperking is bovendien een bijzondere loonmatigingsbijdrage gekoppeld. Werkgevers zullen een deel van het financiële voordeel dat voortvloeit uit de beperkte indexering moeten afdragen aan de RSZ.
Versterking van de sociale werkbonus
Ook werknemers met lagere lonen worden geviseerd door de hervormingen.
Vanaf 1 januari 2028 wordt de sociale werkbonus uitgebreid door een verhoging van de toepasselijke loonplafonds. Daardoor zullen meer werknemers in aanmerking komen voor een vermindering van hun persoonlijke RSZ-bijdragen.
De maatregel moet ervoor zorgen dat werken financieel aantrekkelijk blijft en dat werknemers met een lager loon een hoger nettoloon overhouden.
Wijzigingen voor inkomsten uit auteursrechten
De programmawet bevat daarnaast een aanpassing van de fiscale regeling voor auteursrechten.
Vanaf 1 januari 2026 zal de forfaitaire kostenaftrek enkel nog van toepassing zijn op inkomsten die verband houden met activiteiten waarvoor de verkrijger beschikt over een kunstwerkersattest (gewoon of plus).
Personen met enkel een startersattest verliezen het recht op de forfaitaire kostenaftrek, maar kunnen nog steeds hun werkelijke beroepskosten in rekening brengen.
Wat betekent dit nu voor jou als werkgevers?
De programmawet brengt een aantal belangrijke wijzigingen mee voor werkgevers. Vooral de hervorming van de RSZ-doelgroepverminderingen verdient aandacht. Terwijl de ondersteuning voor eerste aanwervingen opnieuw wordt uitgebreid, verdwijnen verschillende bestaande verminderingen en worden de voorwaarden voor het behoud van sociale voordelen strenger.
Daarnaast zullen werkgevers rekening moeten houden met de tijdelijke beperking van de loonindexering voor hogere lonen en de versterking van de sociale werkbonus. De komende maanden zullen dan ook in het teken staan van een grondige evaluatie van de impact van deze maatregelen op het personeels- en loonbeleid.
Bron: Programmawet van 30 mei 2026 (B.S. 1 juni 2026)



