Radek Kilijanek Jqt6X Xs16Dg Unsplash

In België wordt in de meeste sectoren jaarlijks op 1 februari de woon-werkvergoeding voor de werknemers aangepast. De reden hiervoor is dat de NMBS en De Lijn ook hun vervoerstabellen veranderen op die datum.

Veel sectorale CAO’s hebben deze tabellen als berekeningsbasis voor de vergoeding voor het woon-werkverkeer. Dit geldt ook voor de bouwsector. Daarom zal de vergoeding voor reiskosten voor de arbeiders, resulterend onder PC 124, vanaf februari verhogen. De mobiliteitsvergoedingen blijven hetzelfde.

Het lijkt ons dan ook een goed tijdstip om nog eens de verschillende verplaatsingsvergoedingen die van kracht zijn in de bouwsector, zowel voor arbeiders en bedienden, met jullie te overlopen.

Bouwarbeiders (PC 124)

Een arbeider in de bouw heeft recht op twee mogelijke vergoedingen voor het traject dat hij aflegt omwille van zijn woon-werkafstand: een mobiliteitsvergoeding en een vergoeding voor de verplaatsingskosten.

Mobiliteitsvergoeding

Een mobiliteitsvergoeding wordt aan de arbeiders betaald op basis van het totaal aantal werkelijk afgelegde kilometers per dag. Voor dagen waar de totale afstand minder dan 10 kilometer bedraagt is de werkgever geen vergoeding schuldig. Het is in deze niet belangrijk of er wordt gereden met eigen vervoer of met vervoer van de werkgever. Enkel voor woon-werkverplaatsingen met de trein is er een afzonderlijk bedrag van 0,0870 euro per kilometer, zoals vermeld op de treinkaart of https://www.belgiantrain.be/nl, voorzien.

Sinds de CAO van 30 september 2019, betreffende de tegemoetkomingen in de reiskosten, zijn er verhoogde mobiliteitsvergoedingen mogelijk wanneer de bouwarbeiders met een wagen van de onderneming naar de werkplaats/werf gaan:

  • Chauffeurs met passagier(s) hebben recht op een mobiliteitsvergoeding van € 0,1579 per kilometer (bedrag geldig vanaf 1 mei 2020). Deze mobiliteitsvergoeding is uitzonderlijk geldig vanaf de eerste kilometer, ook wanneer de totale afstand per dag minder dan 10 kilometer bedraagt.
  • Chauffeurs zonder passagier(s) hebben recht op een mobiliteitsvergoeding die, afhankelijk van de afstand, tussen € 0,0650/km en € 0,0911/km ligt (bedragen geldig vanaf 1 december 2019).
  • Passagiers krijgen een mobiliteitsvergoeding die, afhankelijk van de afstand, tussen € 0,0619/km en € 0,0868/km ligt (bedragen geldig vanaf 1 december 2019).

Vergoeding verplaatsingskosten voor woon-werkverkeer

Staat de arbeider zelf in voor de verplaatsing, of een deel ervan, van hem thuis tot het werk en terug dan ontvangt hij hiervoor een vergoeding om deze kosten te dekken. Deze vergoeding wordt berekend op basis van het totaal aantal kilometers per dag en is afhankelijk van het vervoermiddel dat de werknemer gebruikt. Er zijn twee tabellen voorzien, Tabel A voor woon-werkverplaatsingen met de trein en Tabel B voor woon-werkverplaatsingen met andere vervoermiddelen dan de trein. Let op, de bedragen voor verplaatsingskosten voor vervoer met een trein is op basis van de kilometers vermeld op de treinkaart, of te vinden op https://www.belgiantrain.be/nl, en dit voor een enkel traject. De verplaatsingskosten voor woon-werkverkeer met andere vervoermiddelen dan de trein is wel gebaseerd op het totaal aantal werkelijk gemaakte kilometers heen en terug. De verplaatsingskosten staan in beide tabellen vermeld als een weekbedrag en mogen dus gedeeld worden door 5 om een dagbedrag te bekomen.

Wanneer een arbeider voor het woon-werkverkeer, waar hij zelf in voorziet, verschillende vervoermiddelen combineert op één dag dan moet hij opgesplitst de verplaatsingskosten berekenen. Dit wil zeggen een som maken van de kilometers die vallen onder Tabel A en de kilometers die vallen onder Tabel B. Het aantal kilometers voor de berekening van de mobiliteitsvergoeding mag in totaal per dag opgeteld worden.

Fietsvergoeding

Wanneer een arbeider het woon-werktraject, of een gedeelte daarvan, aflegt met de fiets ontvangt hij hiervoor een vergoeding van 0,24 euro per kilometer. Er dient geen minimumafstand per dag in acht genomen te worden. Wel wordt er op gerekend dat hij het kortste traject neemt. Voor dit traject moet er naast een fietsvergoeding geen mobiliteitsvergoeding uitbetaald worden. Vanaf 1 januari 2022 is het maximaal vrijgesteld bedrag voor een fietsvergoeding verhoogd naar 0,25 euro per kilometer. De sectorale verplichting in PC 124 blijft momenteel 0,24 euro per kilometer.

Via een Excel rekenblad dat u kan bekomen op de website van het sociaal secretariaat ORBISS, kunnen de verschuldigde vergoedingen voor de bouwarbeiders berekend worden. U vindt hier de link.

Welke verplichtingen zijn er voor bouwondernemingen nog gekoppeld aan verplaatsingen?

  • De werkgever is verplicht maandelijks een detail aan de arbeider mee te geven met de vermelding van de berekeningen per dag van de mobiliteitsvergoeding. De werkgever kan hiervan vrijgesteld worden via een akkoord met de syndicale afvaardiging of desgevallend via een individueel akkoord met de arbeider.
  • De arbeider die binnen een kalenderjaar een mobiliteitsvergoeding ontvangt voor een totaal van 43.000 kilometer of meer, heeft recht op een betaalde mobiliteitsdag. Deze is op te nemen voor 31 maart het jaar daarop volgend.
  • Er dient in overleg met de syndicale afvaardiging, desgevallend de arbeiders, een mobiliteitsplan opgemaakt te worden. Hierin werkt men de woon-werk/werfverplaatsingen uit.

Bedienden (APCB 200)

De bedienden die werkzaam zijn in bouwonderneming vallen onder de bepalingen van het Aanvullend Paritair Comité voor Bedienden (APCB 200).

Voor hen is er geen mobiliteitsvergoeding voorzien maar wel onder bepaalde voorwaarde een vergoeding voor de verplaatsingskosten ten gevolge van het woon-werkverkeer. Zo is de werkgever verplicht tussen te komen in de reiskosten wanneer de bediende met het openbaar vervoer komt. Wanneer een bediende echter kiest om met eigen vervoer naar en van het werk te rijden dan heeft de werknemer hier enkel recht op wanneer zijn bruto jaarloon maximaal 29.680 euro bedraagt.

Een bediende die regelmatig gebruik maakt van de fiets voor woon-werkverkeer heeft recht een vergoeding van:

· 0,10 euro per werkelijk kilometer, met een maximum van 4 euro per arbeidsdag (dit tot 30 juni 2022).

· 0,20 euro per werkelijk kilometer, met een maximum van 8 euro per arbeidsdag (vanaf 1 juli 2022).

Whitepaper werkgeverstegemoetkomingen in de reiskosten van bouwvakarbeiders en bedienden

U kan de volledige informatie over dit thema, met uitgewerkte voorbeelden en de verschillende tabellen, gratis bekomen door de whitepaper van ORBISS aan te vragen.